Naar inhoud

Wat met ongewenste dieren?

Kies een vraag uit de lijst

  1. Ik woon in een klein stadstuintje (georiënteerd naar het zuiden). Een aantal jaren geleden heb ik taxusplanten aangeplant en sinsdien heb ik last van de taxuskever. De larven tasten ook mijn sedumplanten in potten aan. Ik heb gehoord dat je de taxuskever met bodemaaltjes kan verdrijven, maar bestaat er een goedkopere oplossing?

  2. Onze leylandcipres haag heeft allemaal rosse plekken. Iemand vertelde me dat het spint is. Kan ik deze biologisch bestrijden?
  3. Wat te doen tegen engerlingen in gazon?

  4. Hoe kan je een plaag van taxus larven die vanuit de grond in de taxus kruipen bestrijden?
  5. Hoe kan je een wespennest op een alternatieve manier verwijderen? De brandweer gebruikt immers pesticiden bij het verwijderen van de nesten.
  6. Hoe kan ik slakken in de tuin voorkomen of verwijderen?
  7. Bestaan er biologische (of andere veilige) bestrijdingsmiddelen voor de kastanjemineermot die jaarlijks reeds in juli mijn wildekastanjedreef kaal zet? Kleefstroken heb ik reeds geprobeerd, maar dit bleek niet te werken.

  8. Ik heb 2 mooie viburnums opulus 'roseum' staan. Bij de eerste blaadjes en bloemen, komen helaas ook steeds vele luizen opduiken. Is er misschien een veilig middel om deze luizen weg te krijgen?

  9. Ik heb een kardinaalmutsstruik met ieder jaar een hoop spinnenwebben vol met wormen die de hele struik kaal vreten. Graag een oplossing hiervoor.

  10. Hoe bestrijd je op een doeltreffende en ecologisch verantwoorde manier een plaag van mieren in het gazon? Dank u.

  11. Is het middel Escar-go van Ecostyle (tegen slakken red.) onschadelijk voor het milieu?

  1. Ik woon in een klein stadstuintje (georiënteerd naar het zuiden). Een aantal jaren geleden heb ik taxusplanten aangeplant en sinsdien heb ik last van de taxuskever. De larven tasten ook mijn sedumplanten in potten aan. Ik heb gehoord dat je de taxuskever met bodemaaltjes kan verdrijven, maar bestaat er een goedkopere oplossing?

    Biologische bestrijding van de larven van de taxuskever met 'nematoden' is de enige biologische bestrijdingsmethode. Je kan die aaltjes of nematoden bestellen via Ecostyle of Biobest. De enige andere oplossing is een kip te laten scharrelen. Zij eet ook de larven van de taxuskever.

    top
  2. Onze leylandcipres haag heeft allemaal rosse plekken. Iemand vertelde me dat het spint is. Kan ik deze biologisch bestrijden?

    Rosse plekken kunnen wijzen op:

    a)      te diep gesnoeid

    b)      sparrenspintmijt: Je kan de aangetaste plant herhaaldelijk besproeien met een krachtige waterstraal. Verder kan je met oplossingen van bruine (of groene of zwarte) zeep spuiten

    c)      taksterfte bij coniferen door een schimmel: Je kan de aangetaste delen verwijderen.

    top
  3. Wat te doen tegen engerlingen in gazon?

    Er bestaan nematoden tegen engerlingen: zie http://www.avevewinkels.be/nl/tuin/slim-tuinieren/producten/aaltjes-tegen-engerlingen

    top
  4. Hoe kan je een plaag van taxus larven die vanuit de grond in de taxus kruipen bestrijden?

    Biologische bestrijding Taxuskevers (Otiorhynchus sulcatus) De kevers die na een voorjaarsbehandeling overleefden, hebben in de maanden juli en augustus de tijd gehad om eieren te leggen. Deze eieren ontluiken in de maanden augustus en september. De larven van de taxuskever zijn crèmekleurig en hebben een bruine kop. Deze larven overwinteren om in het voorjaar te verpoppen en te ontluiken als volwassen kever. De larven vreten gedurende het najaar, de winter (wanneer deze zacht is) en het voorjaar aan de wortels en wortelhals, bij zware aantasting kunnen de planten zelfs afsterven. Schade van de volwassen kever uit zich door een typisch hoekige vraat aan de bladranden. Nu in het najaar kunnen de larven aangepakt worden met biologische bestrijding.

    Bestrijdingsadvies:

    Biologische bestrijding gebeurt door het uitzetten van parasiterende aaltjes. Bij toepassen van deze aaltjes zijn bodemvocht en bodemtemperatuur zeer belangrijk. Daarom wordt de behandeling met de hierna vermelde aaltjes zo spoedig mogelijk uitgevoerd. Alle parasiterende aaltjes hebben vocht nodig voor hun verplaatsing in de bodem! Het is raadzaam de bijsluiter bij het producten goed te lezen dit i.v.m. spuitdoppen, spuitapparatuur, uitdroging van de bodem,… Heterorhabditis megidis en Heterorhabditis bacteriophora vragen een minimale bodemtemperatuur van 12°C die minstens 14 dagen moet kunnen gehandhaafd worden na de behandeling! Deze behandeling is, afhankelijk van de temperatuur, mogelijk tot eind september. De aaltjes blijven tot 4 weken na de behandeling actief. Een tweede behandeling wordt niet aangeraden. Steinernema kraussei is al werkzaam vanaf 5°C en Steinernema feltiae is werkzaam vanaf 8 °C waardoor deze aaltjes zowel in het vroege voorjaar als in het najaar kunnen worden ingezet. Onder bestaande hagen kan de grond, zelfs na een aantal fikse regenbuien, extreem droog blijven. Wanneer zulke plaatsen dienen behandeld te worden is het noodzakelijk om de plaats van behandeling vochtig te maken en te houden. Doe je dit niet dan heeft de behandeling nagenoeg geen enkel effect! Ook hier is het raadzaam de bijsluiter GOED te lezen! Wanneer je een behandeling met één van deze aaltjes wenst uit te voeren dien je rekening te houden met een leveringstermijn tussen 2 en 5 dagen. De aaltjes zijn levende organismen en dienen dan ook juist behandeld en bewaard te worden. Lees goed de bijgeleverde informatie!!

    Bij controle van de larven na de behandeling kan je bij Heterorhabditis spp. een sterke verkleuring waarnemen. Steinernema kraussei veroorzaakt praktisch geen merkbare verkleuring!

     

    Taxuskever : Larve

    Een bodeminsecticide op basis van de schimmel Metarhizium anisopliae (BIO 1020) kan vanaf de start van de opkweek door menging door de potgrond of in vollegrond toegevoegd worden. Indien de eitjes, larven, poppen of jonge stadia van de taxuskever in contact komen met deze schimmel vindt infectie plaats waardoor deze sterft. Een goede verdeling van het product is uitermate belangrijk !!

    De schimmel is het meest effectief indien de behandeling wordt uitgevoerd bij temperaturen en vochtomstandigheden waarbij de plant optimaal groeit. Optimale bodemtemperaturen voor de ontwikkeling van deze schimmel liggen tussen de 15°C en de 30°C. Erg natte omstandigheden zijn niet bevorderlijk.

     

    De taxuskever is nu volop te zien. De larven zitten in de grond en eten de wortels op. Deze zijn met nematoden te bestrijden. Ecostyle heeft een product en deze zijn bij AVEVE te verkrijgen.

    top
  5. Hoe kan je een wespennest op een alternatieve manier verwijderen? De brandweer gebruikt immers pesticiden bij het verwijderen van de nesten.

    optie 1: niet ingrijpen

    Wespen zijn nuttige dieren, ze zorgen voor de bestuiving van bloemen en vangen lastige en schadelijke insecten. Wespen steken als hun nest dreigt te worden verstoord, als ze in het nauw gedreven worden of als u in de aanvliegroute staat. Dus, indien het niet werkelijk nodig is, laat de nest dan ongemoeid. De periode van last is beperkt van augustus tot oktober.

    optie 2: hinderlijk nest buiten

    Zet vallen in de tuin. Zo'n val bestaat uit een potje gevuld met een zoete vloeistof zoals limonade of siroop. Plaats de vallen in de zon. De wespen worden aangetrokken door de geur en verdrinken in de zoete vloeistof.

    Verwijder eventueel een volledig nest; best bij schemering, dan zijn de wespen minder actief. Je kan dan een zak over het nest halen en zo verwijderen. Daarna moet je beesten in de zak en al doden.

    optie 3: een hinderlijk nest binnen in huis

    Je hebt geen andere keuze dan de brandweer laten komen.

    top
  6. Hoe kan ik slakken in de tuin voorkomen of verwijderen?

    Slakken kan je voorkomen door rond de planten ruw en scherp materiaal te leggen  zoals fijngewreven eierschalen of grid of gemalen oesterschalen. Je kan de slakken vangen door iets in de tuin te leggen waar de slakken beschutting vinden, je kan ze daarna wegnemen.

    Meer informatie vind je ook op de pagina over ongewenste dieren op onze website.

    top
  7. Bestaan er biologische (of andere veilige) bestrijdingsmiddelen voor de kastanjemineermot die jaarlijks reeds in juli mijn wildekastanjedreef kaal zet? Kleefstroken heb ik reeds geprobeerd, maar dit bleek niet te werken.

    Dit is geen eenvoudig probleem omdat de rupsen een erg verscholen levenswijze hebben. In Nederland heeft men blijkbaar toch al succes. Enkel kleefstroken zijn zeker onvoldoende. De basis van deze bestrijding zijn feromoonvallen. In deze vallen zit een vloeistof en een feromoon waarbij de mannelijke mannen worden weggevangen en de paring wordt vermeden. Deze vallen zijn verkrijgbaar bij Biobest.

    Belangrijk is ook om alle gevallen bladeren te verwijderen, want daarin overwintert de kastanjemineermot.

    Nuttige links:
    http://www.biobest.be/producten/151/1/0/0/
    http://www.biobest.be/images/uploads/public/6524320717_Feromoon%20paardekastanjemineermot.pdf

    top
  8. Ik heb 2 mooie viburnums opulus 'roseum' staan. Bij de eerste blaadjes en bloemen, komen helaas ook steeds vele luizen opduiken. Is er misschien een veilig middel om deze luizen weg te krijgen?

    Bladluizen kan je voorkomen. Let er op dat een plant zich thuis voelt op zijn plaats. Het principe van de juiste plant op de juiste plaats blijft essentieel om sterke planten te krijgen. Planten die zich niet goed voelen (verkeerde grondsoort, te vochtig, te droog, teveel of te weinig zon…) blijven zwak en trekken bladluizen aan. Dat is dus het eerste aandachtspunt. Maar ook door volgende maatregelen zullen bladluisplagen zich niet (zo snel) kunnen ontwikkelen:

    Bladluisaantastingen voorkom je door een evenwichtige plantenvoeding.
    - Trieste jonge plantjes die niet willen groeien worden door bladluizen netjes weggeruimd. Dat is ‘hun’ taak in de natuur. 
    - Maar ook overbemeste exemplaren krijgen een speciale aantrekkingskracht voor luizen.
    - Planten met een kaliumtekort trekken luizen aan, net als planten met watertekort.
    Heermoesaftreksel en in mindere mate zeewierextracten en gesteentemeel hebben een plantenversterkende werking. Houtasse verhelpt kaliumtekort.

    Stimuleer de ontwikkeling van natuurlijke vijanden van bladluizen. Ook dit is een
    preventieve maatregel! Lieveheersbeestjes, zweefvliegen, gaasvliegen, oorwormen,
    schildkevers, wespen: ze lusten allemaal wel een bladluis in een van hun
    ontwikkelingsstadia. Veelal zijn het de larven die bladluizen eten en voeden de
    volwassen insecten zich met stuifmeel. Zorg dus voor voldoende voedsel voor deze
    vijanden door bloemen die veel stuifmeel en nectar produceren aan te planten. Dan
    kiezen ze ook jouw tuin uit om hun eitjes te leggen en kunnen hun larven het nuttige
    werk doen. Zorg ook voor voldoende overwinteringskansen door kruidachtige (holle
    stengels) bijvoorbeeld te laten staan in de winter.
    Als je zorgt voor een evenwichtige beplanting in je tuin met veel bloeiende planten het
    hele jaar door en voldoende overwinteringsmogelijkheden, dan zullen de natuurlijke vijanden spontaan opduiken.


    Bestrijdingsmiddelen
    Vooraleer je overgaat tot bestrijding, moet je even stil staan bij de oorzaak van de
    bladluizenplaag. Misschien staat de plant te droog, of juist te vochtig. Zo kan je
    oplossingen zoeken om dit in de toekomst te voorkomen. Planten die zich ‘thuisvoelen’
    op hun plek zullen een bladluisaantasting zeker overleven. De schade blijft meestal
    beperkt. Indien de natuurlijke vijanden niet spontaan hun werk doen, kan je volgende
    middelen toepassen:
    • Je kan de aangetaste plant herhaaldelijk besproeien met een krachtige waterstraal.
    Let wel op dat je de plant niet beschadigt.
    • Vernietig de bladluizen met de hand of snij de aangetaste delen weg.
    • Verder wordt er met oplossingen van bruine (of groene of zwarte) zeep gespoten. De
    werking van deze middelen is niet voorspelbaar, in elk geval moeten ze regelmatig
    herhaald worden. Let hierbij wel op dit niet in de volle zon te doen, daar de bladeren
    het risico lopen te ‘verbranden’.
    • Om lichte aantastingen in toom te houden, worden herhaalde bespuitingen met
    plantenaftreksels aanbevolen. Brandnetelaftreksel is het klassieke middel, dat echter
    slechts een matige werking heeft. Door toevoeging van zeep kan je het resultaat iets
    verbeteren. Opnieuw is de werking van deze middelen niet voorspelbaar.
    Brandnetelaftreksel: Bij het gebruik van het aftreksel wordt een licht bestrijdende
    werking vastgesteld tegen bladluizen. Het mierenzuur in de netelcellen zou als
    insecticide werken, zolang het aftreksel niet ouder is dan 24 uur. Daarna is dit zuur
    vervluchtigd. Dit mierenzuur is verantwoordelijk voor het branderige gevoel als een
    brandnetel je prikt.
    Gebruik en dosering: 400 g gedroogde planten (grote brandnetel) 12-24 uur laten
    trekken in koud water. Er mag geen gisting optreden. 0-5 keer verdunnen en om de
    3 à 4 dagen bespuiten. In plaats van koud water kan je ook kokend water gebruiken;
    uiteraard het mengsel laten afkoelen vooraleer het toe te passen!
    • Bij zwaardere aantasting gebruikt men plantaardige insecticiden zoals pyrethrum, die
    echter ook de natuurlijke vijanden doden. Dit wordt enkel toegepast als de planten te
    sterk achteruitgaan door de bladluizenplaag en als andere middelen niet helpen.

    top
  9. Ik heb een kardinaalmutsstruik met ieder jaar een hoop spinnenwebben vol met wormen die de hele struik kaal vreten. Graag een oplossing hiervoor.

    Op kardinaalsmuts komen dikwijls rupsen van stippelmotten voor. Deze zijn vrij specifiek voor deze plant. Het zijn dus geen worden, maar rupsen. Buiten het wegnemen van deze rupsen, omdat ze allemaal samen kruipen is dit wel te doen, zijn er niet veel alternatieven.

    top
  10. Hoe bestrijd je op een doeltreffende en ecologisch verantwoorde manier een plaag van mieren in het gazon? Dank u.

    Levenswijze van de mier

    In ons land komen een zestigtal mierensoorten voor, waarvan vooral de bruine wegmier en de grasmier ons overlast kunnen bezorgen in de tuin. Mieren leven in grote groepen samen en een mierenvolk kan al gauw uitgroeien tot een miljoen leden! De mierenkolonie kent een strikte arbeidsverdeling waarbij het vooral de onvruchtbare wijfjes zijn - de zogenoemde werkmieren die arbeid verrichten. De jongere werkmieren bouwen het nest, verzorgen en voeden de koningin en de larven en houden de temperatuur in het nest constant. De oudere werksters daarentegen verlaten geregeld het nest om buiten voedsel te verzamelen. Dit voedsel wordt op weg naar het nest tijdelijk opgeslagen in hun darmkanaal. Op bepaalde tijdstippen in de zomer komen er uit de poppen in het nest gevleugelde mannetjes en wijfjes die paren tijdens de zgn. "bruidsvlucht". De mannetjesexemplaren sterven snel nadien af; de bevruchte wijfjes werpen hun vleugels af en stichten als koningin een nieuw nest.

    Mieren communiceren via geursporen. Ze maken in bepaalde klieren geurstof aan die ze uitsmeren over de grond. Op die manier vinden ze de weg naar het nest terug of zetten ze andere mieren op pad naar ontdekt voedsel. Een rijke voedselbron voor de mieren is de zgn. honingdauw die door bladluizen wordt afgescheiden. Vandaar dat we mieren ook terugvinden op en rond planten die aangetast zijn door bladluizen. Op zoek naar de honingdauw "melken" de mieren de luizen door met hun voelsprieten te trommelen op het achterlijf van de bladluizen.

    Preventie en bestrijding

    Mieren hebben een afkeer van bepaalde geuren en sommige materialen. Dit kan gebruikt worden om de mieren op een milieuvriendelijke manier uit de tuin te weren. Uit de experimentele ervaringen van andere tuiniers weten we dat mieren een hekel hebben aan: bladeren van lavendel, tijm, marjolein, tomaat, varens, boerenwormkruid en lavas. Ook het uitstrooien van rode peper, koffiedik, kruidnagel, knoflookpoeder, fijn gesnipperde ui, gebroken eierschalen en gesteentemeel zou hun in hun verspreiding hinderen.

    Ook aan een aantal bloemplanten in de tuin zouden mieren de pest hebben.  Als zo een plant aangetroffen wordt op hun weg zouden ze hun route verleggen. We kunnen deze planten dan ook bewust her en der in de tuin inschakelen als preventieve gewasbeschermingsmaatregel. Het betreft volgende planten:

    • Lavendel
    • Goudsbloem (Calendula officinalis)
    • Afrikaantjes (Tagetes patula)

    Als je toch overgaat tot het bestrijden van de mieren dan kan dit op verscheidene manieren gebeuren:

    • Azijn of kokend water in het nest gieten
    • een theelepel borax mengen met 5 theelepels honing of esdoornsiroop. Dit op een meloenschil bij het mierennest leggen. De werksters nemen het mengsel mee en zo wordt het hele nest uitgeroeid.
    • Een mengsel van honing en gist ter beschikking stellen van de mieren.  Door het rijzen van de gist ontploffen de werksters na het eten van het mengsel.  Op deze manier zullen er meestal ook in het nest slachtoffers gemaakt worden omdat de meeste mierensoorten voedseloverdracht van mond tot mond doen.

    Recent werd door het bedrijf ECOstyle bvba het zogenoemde "Mierenpoeder" op de markt gebracht. Het afweermiddel bestaat uit fijn, scherpkantig granulaat van diatomeeënaarde dat enerzijds mieren zou afweren, maar dat anderzijds het milieu totaal niet zou belasten. Contact met het poeder veroorzaakt microscopisch kleine verwondingen aan de mier, met de dood tot gevolg. Dit proces wordt nog versneld door de natuurlijke geurstof die aan het ECOstyle MierenPoeder werd toegevoegd. Deze geurstof zorgt ervoor dat de mieren zich extra gaan bewegen. Het kruidige poeder moet rond en bovenop de nestophopingen en looppaden worden gestrooid in een voldoend dikke strooisellaag.

    top
  11. Is het middel Escar-go van Ecostyle (tegen slakken red.) onschadelijk voor het milieu?

    Escar-Go en Ferramol zijn korrels die vrij uitgestrooid worden tussen de planten. Door de toegevoegde lokstof (oa. tarwemeel) vindt de slak ze makkelijk en eet ervan. Na het eten van enkele korrels treedt er gauw een verlamming op van de kropklier, zodat ze niets anders meer opeet. De slak trekt zich terug in haar schuilplaats en sterft na 2 tot 4 dagen. Er worden dus weinig of geen dode slakken in de tuin gevonden. De uitgedroogde slakkenresten worden nadien opgenomen in de bodemkringloop.

    De korrels hebben een blauwe kleur. Die kleur wordt toegevoegd om vogelvraat te voorkomen, vogels mijden immers blauw.

    Voor een efficiënte werking moet het product gelijkmatig verdeeld worden over het te behandelen oppervlak, niet in hoopjes.

    De werkzame stof is ijzerfosfaat. Dit is een eenvoudige verbinding die van nature in de bodem voorkomt. Naast de 1% ijzerfosfaat bevatten Escar-Go en Ferramol hoofdzakelijk meel (oa. tarwemeel), dat tegelijkertijd dienst doet als lokstof.
    Escar-Go en Ferramol zijn selectief. Het werkt alleen bij dieren waarbij de spijsvertering via een kropklier verloopt. In de tuin zijn slakken de enige dieren met dit orgaan. Zo werken Escar-Go en Ferramol bij naaktslakken en huisjesslakken. Er is dan ook geen effect bij insecten noch bij natuurlijke vijanden van slakken (vogels, padden, egels).
    Afbreekbaarheid: bij het uitstrooien van de korrels is er lokaal een tijdelijke verhoging van het gehalte aan ijzerfosfaat. Deze stof wordt door de aanwezige micro-organismen omgezet in ijzer en fosfaten, natuurlijke elementen die in elke bodem aanwezig zijn. Problemen met residu’s treden niet op.

    Beide producten zijn wettelijk toegelaten in de biologische landbouw.

    top