Naar inhoud

Kies voor gemengde hagen

Nog al te vaak kiezen we voor een eentonige beukenhaag of haagbeukenhaag. Deze hagen zijn echter heel gevoelig voor aantasting door schadelijke organismen. Om te vermijden dat deze ongewenste gasten onze hele haag aantasten moeten we daarom vaak naar chemische bestrijdingsmiddelen grijpen. Deze bestrijdingsmiddelen hebben echter een grote negatieve invloed op de kwaliteit van het leefmilieu omdat ze niet enkel de schadelijke insecten of parasieten bestrijden maar ook schadelijke gevolgen hebben voor vogels of andere diersoorten in de omgeving.

Door te kiezen voor een gemengde haag kan je voorkomen dat ongewenste gasten zich ongeremd kunnen uitbreiden. Er is keuze tussen meidoorn, sleedoorn, hazelaar, spork, lijsterbes, hulst of zelfs berk in combinatie met de klassiekers beuk en haagbeuk.

Let wel op met meidoorn en sleedoorn. Zoals de namen doen vermoeden, hebben deze soorten venijnige doorns. Deze soorten zijn niet echt geschikt naast speelgazons of speelterreinen. Hou ook rekening met aanwezigheid van doorns bij het beheer van de haag.

Sleedoorn vormt uitlopers. Dat is zijn manier om in de natuur een doornig struweel te vormen. Kies je voor sleedoorn in je geschoren haag, hou er dan rekening mee dat je uitlopers krijgt in de aangrenzende beplanting.

Als de soorten goed gekozen worden, geeft jouw haag in het voorjaar jonge bladen in allerlei tinten van groen die op verschillende tijdstippen uitlopen. Verkleurende bladeren geven in de herfst subtiele kleurschakeringen in jouw haag.

Als je minder frequent snoeit, kan je genieten van bloesems in het ganse voorjaar en bessen in de zomer. Hou je eerder van een strak geschoren haag? Geen nood, want een gemengde haag kan net zoals een haagbeuk- of beukenhaag ook strak geschoren worden.

Haagcombinaties

Beuk - haagbeuk  

De makkelijkste en meest voor de hand liggende combinatie bij het aanplanten van een gemengde haag is de combinatie beuk – haagbeuk. Alle mogelijke verhoudingen zullen leiden tot een mooi ogend resultaat. Het is van groot belang dat je kiest voor eerder klein en gedrongen plantsoen. Wanneer je groot plantsoen (vb. 125 cm) gebruikt loop je een grote kans dat er groeiverschillen optreden. Groot plantsoen van gewone beuk zal minder snel aanslaan en dus meer dan waarschijnlijk een groeiachterstand oplopen.

Tip: De bladeren van een beuk zullen in de winter verkleuren maar de bruine bladeren blijven een hele winter hangen. Op plaatsen waar je ook in de winter doorkijk door je haag wil vermijden kan je het beste vrijwel enkel gewone beuk aanplanten. Op andere plaatsen zoals wat meer achteraan je tuin of in de hoeken kan je dan kiezen voor een overwicht aan haagbeukplantjes.

Meidoorn – haagbeuk  

De allerbeste combinatie voor een gemengde haag in je tuin is de combinatie meidoorn – haagbeuk. Deze combinatie leidt tot een zeer mooi en natuurvriendelijk resultaat. 

Je kunt een dergelijke haag ook in alle mogelijke verhoudingen aanplanten en zelfs een 50 – 50 combinatie kan tot zeer mooie resultaten leiden.

Haagbeuk en meidoorn hebben allebei ongeveer eenzelfde groeisnelheid tenzij de haag op arme en droge zandgrond aangeplant wordt. Op droge en arme zandgrond loop je een grote kans dat meidoorn groeiachterstand oploopt.

Bij deze gemengde haag met meidoorn zijn doornen onvermijdelijk maar een doordachte aanplant kan veel nadelige effecten van de doornen voorkomen. Op plaatsen in je tuin waar je geen doornen wenst te hebben kan je bijvoorbeeld enkel haagbeuk aanplanten en wat verder achteraan je tuin of in de hoeken kan je dan kiezen voor meer van meidoornplantsoen.

Een belangrijk voordeel van deze gemengde haag is dat het bladafval zorgt voor een goede strooisellaag. Na het snoeien kan je dus het meeste bladafval gewoon laten liggen.

Meidoorn draagt van mei tot juni mooi witte en sterk geurende bloemen. Omdat meidoorn bloeit op éénjarig hout kan je ervoor kiezen om bepaalde stukken in je haag een jaar te laten doorgroeien. Het daaropvolgende jaar zal je haag prachtige witte bloemen dragen. De éénjarige scheuten van meidoorn zijn nog vrij flexibel en laten zich dus nog gemakkelijk inkorten. Een wat verouderde meidoornhaag laat zich ook zonder problemen sterk terugzetten tot kleinere afmetingen. Met oudere takken van meidoorn moet je wel goed uitkijken. Deze takken zijn niet geschikt voor gevoelige handen. Voor het scheren van dergelijke oudere meidoornhagen zijn dikke handschoenen en een snoeischaar met lange stelen dan ook zeker een must.

De klassieke veekering  

Op iets rijkere gronden zoals langsheen weilanden moet je zeker overwegen om de klassieker van de gemengde haag aan te planten. Gemengde hagen worden al zeer lang aangeplant en traditioneel gebruikte men gemengde hagen in plaats van prikkeldraad als veekering of om perceelsgrenzen af te bakenen.

De traditionele veehagen bestaan voor ongeveer 70% uit meidoorn met daarnaast dan mengsoorten zoals sleedoorn, spork, zomereik, berk, haagbeuk, … Dergelijke gemengde hagen zijn zeer goed geschikt om gecontroleerd te laten opschieten en uitbreiden. Na verloop van tijd krijg je dan een echte bloesemhaag. De belangrijkste voorwaarde voor zo’n wilde bloesemhaag is wel dat je voldoende ruimte voorziet. Je hebt hiervoor zeker 3 à 4 meter vrije ruimte nodig, zeker twee meter aan de beide kanten van de plantlijn.

De best geschikte en meest gebruikte combinatie voor een bloesemhaag is de volgende:

  • 50 % meidoorn;
  • 20 % sleedoorn;
  • 10 % gewone vlier;
  • 5 % spork;
  • 5 % wilde lijsterbes.

Een niet onbelangrijk voordeel van een wildere bloesemhaag is dat je die slechts om de twee tot drie jaar (stevig) moet snoeien. Het eerste jaar na de snoei zal je haag weinig tot geen bloei vertonen maar daarna heb je opnieuw zeker twee jaar plezier van de mooie en fel geurende bloesems én zeer weinig werk.

Deze hagen hebben ook een belangrijke natuurwaarde. Ze vormen een bijzonder ecosysteem waar een aantal zeer zeldzame planten- en diersoorten zich thuis voelen. De dichte hagen vormen bijvoorbeeld een prima broedplaats voor allerlei vogelsoorten.

Tip: Wat ook tot zeer mooie resultaten leidt is dat je verspreid in je haag een lijstbes, vlier of meidoorn laat uitgroeien tot een klein boompje en de rest van je haag strak afscheert.